Tientallen jaren lang gold de Costa Brava in Spanje als het ultieme vakantieparadijs. Miljoenen Nederlanders reisden af naar de stranden van Lloret de Mar, Tossa de Mar, Blanes, Calella, Sitges en Platja d’Aro om er te kamperen, aan de uitgestrekte stranden te liggen, te genieten van de Spaanse keuken of te feesten. Als jongere hoorde je er pas bij als je aan de Costa Brava was geweest.
Oude doos
Die tijd is een beetje voorbij. De Costa Brava is qua populariteit ingehaald door andere bestemmingen zoals Portugal, Griekenland en Turkije en andere Spaanse regio’s zoals Valencia en Malaga. En ineens lijkt de Costa Brava een bestemming uit de oude doos…
Barcelona schittert
Natuurlijk is er nog reden genoeg om het vliegtuig te pakken richting noordoost Spanje. Want waar de Costa Brava een beetje ‘dof’ is geworden, straalt Barcelona als nooit tevoren. Wat een heerlijke stad is dit! Weliswaar ligt Barcelona formeel net niet aan de Costa Brava, maar wat is er veel te zien op alle mogelijke gebieden. Je kijkt je ogen uit.

Andere pareltjes aan de Costa Brava
Maar zijn er buiten Barcelona dan helemaal geen pareltjes meer te vinden aan de Costa Brava zelf? Jawel! In het noorden doet de naam Costa Brava zijn naam (‘wilde kust’) nog eer aan. Daar zie je langs de rotsachtige kust nog kleine dorpjes, inhammen met verborgen strandjes en kleine vissersdorpjes. Daar eet je nog versgevangen vis op een terrasje tussen de vissersboten. Over een afstand van hemelsbreed 20 kilometer vind je daar nog kleine kustdorpjes die als pareltjes aan een grillig snoer zijn geregen. Stuk voor stuk authentieke bezienswaardigheden.
Van noord naar zuid
Net ten zuiden van Pals wordt de kust rotsachtig en hier starten we onze ontdekkingstocht. Die brengt ons naar Sa Riera, een pittoresk klein vissersgehucht aan een mooi strand. Iets verderop vind je het strand van Sa Tuna, waar je ook weer samen met de vissersboten op het strand ligt. Sa Tuna zit vastgekleefd aan het leuke stadje Begur, dat iets landinwaarts ligt en waar je in het kleine centrum heerlijk en gezellig kunt eten. Op een steenworp afstand daarvan ligt Fornells, dat een prachtig vissershaventje heeft dat wordt omzoomd door kleine witte huisjes. Daar vlakbij ligt weer zo’n heerlijk strandparadijsje, verscholen tussen de kliffen: Platja d’Aiguablava. En dan te bedenken dat we hemelsbreed nog geen 10 kilometer hebben afgelegd…

Verder zuidwaarts
Al na een paar kilometer is daar weer zo’n mooie baai met glashelder water, met een piepklein dorpje: Tamariu. Pittoresk is ook het volgende plaatsje op onze reis: Lla Franc. Hier komen we in een schattig badplaatsje, waar het toerisme langzamerhand begint te groeien. Een kleine, maar gezellige boulevard met wat winkeltjes en leuke restaurants. Veel meer is het niet, maar het is allemaal oogstrelend. Van Lla Franc loop je in een paar minuten naar het volgende pareltje, Calella de Palafrgell. Dit is een charmant en wat groter dorpje. Je vindt hier wat hotels, appartementen, een paar leuke winkelstraatjes, maar kleinschaligheid blijft troef, want de wandeling van het ene eind naar het dorpje naar het andere eind langs de kust kost je nog geen 10 minuten, waarbij je steeds weer kleine verborgen strandjes ontdekt. En dat is meteen ook het einde van deze ‘pareltjestocht’. Want trekken we nu verder zuidwaarts dan doemen heel in de verte de torenflats van Platja d’Oro op.
Hoe kom je er?
Airport Weeze, net over de grens tussen Nijmegen en Venlo, is een prima vertrekpunt voor je vliegvakantie naar de Costa Brava. Het is een compacte en overzichtelijke luchthaven, waar je gemakkelijk kunt parkeren en waar je soepel door de douane en de bagageafhandeling gaat. Je vliegt binnen 2 uur rechtstreeks naar Girona, dat ongeveer 45 minuten rijden van de kust ligt. Voordelige tickets boek je via Ryanair. Lees hier 10 tips om een goedkoop vliegticket te boeken.
